Veerkrachtige buurttuinen

De Sint-Elisabethwijk in Sint-Niklaas heeft nood aan een totaalvisie op het openbaar domein. Het is een opdracht die de disciplines communicatie, stedenbouw en publieke ruimte integreert en waarvoor onze expertise in mobiliteit én participatie sterk aan bod kan komen.

Dit pilootproject creëert kansen op gebied van klimaatadaptatie zoals correcte waterhuishouding, aantrekkelijke groenvoorziening, stadskoeling, correcte mobiliteit (wijkcirculatie, parkeernormen, STOP-principe…) en laagdrempelige participatie met bewoners van diverse culturen en leeftijden. Het proces en de herinrichting kan als model dienen voor de (her)ontwikkeling van andere plekken in de stad.

We zien dit project als een kans om de wijk nieuw leven in te blazen door de creatie van twee nieuwe groene pleinen die plaats bieden aan ontmoeting, spel en ontspanning. In een verdere stap zouden we de straten kunnen laten evolueren naar groene leef- of zelfs tuinstraten die beide groenpolen met elkaar verbinden.

Om die evolutie mogelijk te maken moeten we er de ruimte voor creëren in de dicht bebouwde wijk. We bekijken de weginfrastructuur op een kritische manier waarbij een lussensysteem, dat sluipverkeer tegengaat, een rijbaan vrijmaakt en parkeren naar het nodige minimum wordt herleid en zoveel mogelijk wordt gecentreerd. De bereidheid van buurtbewoners om op een andere manier hun wagen te parkeren en gebruiken is cruciaal voor het realiseren van de andere doelstellingen van dit project, nl. een publiek domein dat ruimte biedt voor groen, ontmoeting en ontspanning. 

We kijken voor onze visie-oefening naar de volledige wijk, niet en­kel naar de twee pleinen die in het schetsontwerp vervat zitten. In de geest van de beweegvriendelijke stad willen we korte verplaatsingen met de fiets en te voet stimuleren. Hierbij ligt onze focus voor het ontwerp op twee bijzon­dere doelgroepen: kinderen en mensen met een beperkte mobiliteit. Het is zo dat als een ruimte voor deze doelgroepen geschikt is, ze voor alle gebruikers geschikt is (inclusive design). De bushalte op het Koningin Elisabethplein vormen we om tot mobipunt en vormt het toekomstig hart van de wijk.

De Sint-Elisabethwijk in Sint-Niklaas heeft nood aan een totaalvisie op het openbaar domein. Het is een opdracht die de disciplines communicatie, stedenbouw en publieke ruimte integreert en waarvoor onze expertise in mobiliteit én participatie sterk aan bod kan komen.

Dit pilootproject creëert kansen op gebied van klimaatadaptatie zoals correcte waterhuishouding, aantrekkelijke groenvoorziening, stadskoeling, correcte mobiliteit (wijkcirculatie, parkeernormen, STOP-principe…) en laagdrempelige participatie met bewoners van diverse culturen en leeftijden. Het proces en de herinrichting kan als model dienen voor de (her)ontwikkeling van andere plekken in de stad.

We zien dit project als een kans om de wijk nieuw leven in te blazen door de creatie van twee nieuwe groene pleinen die plaats bieden aan ontmoeting, spel en ontspanning. In een verdere stap zouden we de straten kunnen laten evolueren naar groene leef- of zelfs tuinstraten die beide groenpolen met elkaar verbinden.

Om die evolutie mogelijk te maken moeten we er de ruimte voor creëren in de dicht bebouwde wijk. We bekijken de weginfrastructuur op een kritische manier waarbij een lussensysteem, dat sluipverkeer tegengaat, een rijbaan vrijmaakt en parkeren naar het nodige minimum wordt herleid en zoveel mogelijk wordt gecentreerd. De bereidheid van buurtbewoners om op een andere manier hun wagen te parkeren en gebruiken is cruciaal voor het realiseren van de andere doelstellingen van dit project, nl. een publiek domein dat ruimte biedt voor groen, ontmoeting en ontspanning. 

We kijken voor onze visie-oefening naar de volledige wijk, niet en­kel naar de twee pleinen die in het schetsontwerp vervat zitten. In de geest van de beweegvriendelijke stad willen we korte verplaatsingen met de fiets en te voet stimuleren. Hierbij ligt onze focus voor het ontwerp op twee bijzon­dere doelgroepen: kinderen en mensen met een beperkte mobiliteit. Het is zo dat als een ruimte voor deze doelgroepen geschikt is, ze voor alle gebruikers geschikt is (inclusive design). De bushalte op het Koningin Elisabethplein vormen we om tot mobipunt en vormt het toekomstig hart van de wijk.

minder »


Beringen Mijn 2050

Samen met Endeavour en Vectris werkt Stramien het komende jaar aan een wervend masterplan voor de mijncité van Beringen. Het is een uitdaging om deze charmante, maar getaande cité om te vormen tot een aantrekkelijke, kwalitatieve en hedendaagse tuinwijk.

De stad Beringen wenst samen met haar partners uiteenlopende initiatieven in een globaal kader te plaatsen, problemen en knelpunten (verkeerdrukte, parkeerdruk, lege percelen en panden…) op te lossen en de vele kansen te ontginnen.

Als ambitie wil het team opnieuw een tussenschaal introduceren die zich verankert tussen het bovenlokale (be-MINE en ruime omgeving) en het private (woning) niveau. De energie van beide schalen wordt ingezet om elkaar te versterken en de kruisbestuiving te herstellen. We mikken op een herstel van de trotse ‘liaison’ tussen mijn en cité.

Het team zet in op 5 strategieën: ‘samen renoveren’, ‘publiek domein als hefboom’, ‘verenigbaarheid erfgoed en vernieuwing’, ‘mobiliteit als ruimtelijk structurerend’, ‘cité als proeftuin voor klimaatbestendig samenwonen’.

De opmaak van een masterplan kan een krachtig vehikel zijn om op een geïntegreerde manier te werken aan de toekomst van Beringen Mijn. We werken op twee sporen. Ten eerste, aan de hand van interactieve co-creatie sessies voor mogelijke initiatiefne­mers, of betrokken bewoners die nauw mee willen werken. Ten tweede willen we ook te gast gaan bij organisaties. Zo kunnen we ook mensen betrekken die iets moeilijker te bereiken zijn met klassieke participatiemomenten.

Samen met Endeavour en Vectris werkt Stramien het komende jaar aan een wervend masterplan voor de mijncité van Beringen. Het is een uitdaging om deze charmante, maar getaande cité om te vormen tot een aantrekkelijke, kwalitatieve en hedendaagse tuinwijk.

De stad Beringen wenst samen met haar partners uiteenlopende initiatieven in een globaal kader te plaatsen, problemen en knelpunten (verkeerdrukte, parkeerdruk, lege percelen en panden…) op te lossen en de vele kansen te ontginnen.

Als ambitie wil het team opnieuw een tussenschaal introduceren die zich verankert tussen het bovenlokale (be-MINE en ruime omgeving) en het private (woning) niveau. De energie van beide schalen wordt ingezet om elkaar te versterken en de kruisbestuiving te herstellen. We mikken op een herstel van de trotse ‘liaison’ tussen mijn en cité.

Het team zet in op 5 strategieën: ‘samen renoveren’, ‘publiek domein als hefboom’, ‘verenigbaarheid erfgoed en vernieuwing’, ‘mobiliteit als ruimtelijk structurerend’, ‘cité als proeftuin voor klimaatbestendig samenwonen’.

De opmaak van een masterplan kan een krachtig vehikel zijn om op een geïntegreerde manier te werken aan de toekomst van Beringen Mijn. We werken op twee sporen. Ten eerste, aan de hand van interactieve co-creatie sessies voor mogelijke initiatiefne­mers, of betrokken bewoners die nauw mee willen werken. Ten tweede willen we ook te gast gaan bij organisaties. Zo kunnen we ook mensen betrekken die iets moeilijker te bereiken zijn met klassieke participatiemomenten.

minder »